gedachten

Een klein beetje heel veel vuilnis

Toen ik deze morgen de gordijnen van de slaapkamer opendeed en een blik op onze tuin wierp, kreeg ik een kleine woede-opstoot. Midden in ons grasveld lag een stuk afval.

vuilnis

Wat doet dit stuk afval in mijn tuin?

Waarom zou iemand afval op de grond smijten? Het maakt mij altijd wat kwaad. Ik herinner me die keer dat ik op de trein stond te wachten in Gent Dampoort. Twee jonge gasten liepen voorbij. Een daarvan haalde een koek uit zijn zak en gooide de wikkel op de grond. Geen drie meter verder stond een vuilnisbak. Ik wou dat ik de durf had om er iets op te zeggen. Maar wat doe je in zo’n geval? Niemand zegt iets. Je sluit je ogen, denkt er het jouwe van en gaat verder met je leven. Groepsdruk, het heeft meer vat op mij dan dat me lief is.

Waarom zou de natuur geen recht hebben op respect? Haar aanwezigheid is zo vanzelfsprekend, dat we soms vergeten wat ze ons elke dag schenkt. Een wandeling in de frisse buitenlucht helpt mee depressie te bestrijden. Het is een natuurlijke therapie. Een die onze maatschappij dreigt te vergeten. Wanneer geld de overmacht neemt in deze industriële wereld, delft de natuur het onderspit. De afvalberg wordt groter en groter. We staan er te weinig bij stil. De natuur haar pracht laten behouden, het kost nochtans maar een kleine moeite.

Een wereldverbeteraar zal ik nooit worden, maar met kleine beetjes kan ik alvast een steentje bijdragen. Al is het door het overgewaaide afval van een ander in mijn vuilzak te steken.

Leave a Reply